In de stille week, de week voor pasen, baden studenten in Nijmegen 24-7.

Priscila deelt haar verhaal:

“Toen ik de kamer binnen liep, liepen mijn ogen helemaal vol. Ik wilde huilen. Waarom?! Er waren andere meiden in de gebedsruimte en ik wilde niet voor hen huilen aangezien ik zelf niet wist waarom ik dat sterke gevoel zelf had. Gelukkig bleef ieder in zijn eigen hoekje en zag niemand hoe ik worstelde met mijn gevoelens. Later in de week begreep ik waarom ik me voelde zoals ik me voelde. Ik had het gevoel alsof God tegen me zei: ‘Pris, jij hebt niet een uurtje ingepland in jouw drukke rooster, maar ik heb er naar verlangd tijd met je door te brengen en ik ben blij dat je bent gekomen.

Nijmegen ruimte

Van een andere jongen had ik begrepen dat de eerste keer dat hij naar de studentenkerk ging niet zo bijzonder was. Van de derde keer zei hij echter “ik ben echt in Gods nabijheid geweest”. Hij stond als verlamd voor me en liep maar niet weg uit de ruimte. Hoe kan dit?!

Ik geloof dat wij als Nijmegenaren graag meer van God willen zien, er zelfs veel naar hunkeren en een kort gebedje in de hemel voor schieten. Met de gebedsweek werd juist hiervoor ruimte geboden. Juist die uren die we soms zo volproppen met van alles en nog wat, hebben we nu gevuld met een uurtje in zijn aanwezigheid. Dat is iets waar ik persoonlijk heel dankbaar voor ben: dat we onszelf bij de Vader en vrienden etc. voor de Vader hebben gebracht. Een week waarin we als christelijke jongeren vanuit verschillende achtergronden stil hebben gestaan bij het wonder van het kruis. De kaarsjes uitgeblazen als symbool voor al wat hij verloren heeft, zodat het ons erfenis werd. En samen ontbeten, omdat we weten dat het verhaal niet compleet is zonder feest: Hij is opgestaan uit de dood!”